Surinaamse koetjes en kalfjes
Klik op de foto's in het filmpje om ze te vergroten; of klik op de fotobalkjes in de tekst

Lagen we in april met twee of drie zeilboten op Domburg, nu is het een drukte van belang. De dinghy landing is zeer beperkt en het lijkt wel alsof iedereen tegenwoordig zo’n grote Caribe (dat is het topmerk) met vaste bodem heeft, dus aan land gaan is momenteel een hele operatie. Gelukkig brengt die drukte ook veel gezelligheid met zich mee, en soms ook consternatie.
De afgelopen weken was het bingo op de Surinamerivier: er gingen een paar zeilboten van hun anker; de Torn Too had een giftige slang van 2 meter lengte aan boord – terwijl Rob doodgemoedereerd bezig was z’n Caribe te strijken bungelde het beest boven zijn hoofd in de verstaging. Gelukkig maakten de passagiers in een voorbijkomende korjaal hem opmerkzaam door te roepen en schreeuwen.
Een zandschip was stuurloos geraakt en dreigde dwars door het ankerveld naar de kant te drijven. En onze Zuid-Afrikaanse buren van La Mar werden getroffen door een drijvend eiland. Tot nu toe waren die altijd van gras en dunne takken, maar deze keer was het een heel bos van boomstammen en takken met grote stekels. Het was nog springtij ook en met een stroom van 3 knopen zetten die takken zich muurvast rond de ankerketting. We werden om 05.30 uur uit ons bed getoeterd vanwege een dreigende aanvaring, want ze waren natuurlijk aan het krabben. Vervolgens zijn we met zes man gewapend met zagen en zware kniptangen drie uur bezig geweest om onze buren te bevrijden. Het verhaal in 4 foto's: klik Uiteindelijk hebben we (ideetje van JW) toen de stroom afnam, ons mini-Danforth-anker in het resterende bos geparkeerd en onze andere buren van de Drifter hebben met hun dikke dinghy met sterke buitenboordmotor het bos van de boot af getrokken.

Hoewel de cover van onze bijboot net uitgebreid was gerepareerd, is het stekeleiland erin geslaagd het compleet te verwoesten. Na 2 jaar gebruik was de stof totaal versleten en verteerd door de zon, dus nogmaals oplappen zou zonde zijn van het werk. Vandaar een nieuwe cover gemaakt van spijkerstof.

 Klik als je wil weten hoe ie eruit ziet.

De trend naar grotere dinghy’s loopt uiteraard in de pas met de trend naar grotere boten onder de zeilzwervers. Toen wij Miep lieten bouwen vonden we haar groot genoeg. Nu zien we al die comfortabele 45-voeters en zijn soms een beetje jaloers. Miep is toch wel een klein bootje en dat heeft niets te maken met haar zeilgedrag (we zijn veel sneller dan de meeste comfortcontainers), maar wel met het comfort dat zij biedt wanneer we in drijvende-caravan-toestand zijn. Maar onze jaloezie slaat altijd direct weer om in pure liefde als we Mieps elegante klassieke lijnen vergelijken met zo’n torenhoge centercockpitter, of een betonnen boot met paviljoenhek.

Het is warm in oktober; zeg maar rustig bloedheet. Rond de middag kun je niet op blote voeten over dek lopen. JW heeft de oventhermometer op het dek gelegd en deze liep op tot 65°C is – we kunnen ons gasfornuis wel overboord zetten want eitjes bakken we voortaan buiten. Als we niet bij Gerben aan het zwemmen zijn, zitten we dus onder zonnetent (slechts 33°C). We luieren dus maar een beetje, in afwachting van zware klussen die voor vertrek moeten worden gedaan. Op de kant kwamen we een collega luiaard tegen, een echte luiaard dus. Ongelooflijk zo traag als die dieren bewegen. P had ’m tijdens het boodschappen doen op de kant gespot; dus alle boodschappen geskipt, in de bijboot gesprongen en JW opgehaald – want met een luiaard heb je daar ruim tijd voor, terwijl een jaguar binnen een fractie van een seconde was weggeweest. Luiaards eten alleen maar jonge blaadjes. Het zijn echte lieverds met hun dikke berenvacht, die er ruw uitziet maar merkwaardig zacht aanvoelt. Je kunt ze gewoon aanraken want ze doen geen vlieg kwaad, al zien hun klauwen er afschrikwekkend uit. Maar die zijn nodig voor extra houvast als ze in bomen klimmen. Ze kunnen urenlang aan hun poten ondersteboven aan een tak hangen. Ongeveer zoals gebeurt in het filmpje, als Beri hem weer in een boom gaat terugzetten.
Film luiaard 2,77Mb      Film luiaard 8,81Mb

Nog meer beesten: op een van onze zwemdagen vingen de twee onderhoudsjongens bij Gerben thuis een flinke leguaan (Javanen zijn dol op leguaan dus ze jagen erop) en op onze aanwijzingen een giftige reuzenspin: zwart met oranje voetjes. En bij ons thuis huizen vleermuizen.

In het hindoeïsme heeft het getal negen een symbolische betekenis want God kent in deze religie negen verschijningsvormen. Navráti, het belangrijkste Hindoeïstische feest van het jaar is dan ook de afsluiting van een negendaagse vastenperiode die werd ingeluid door de negende nieuwe maan. Navráti is het feest van de vergiffenis van alle zonden die men het afgelopen jaar heeft begaan. Er wordt een beeld opgetuigd van een “moeder”, die tevens de aarde symboliseert en die zich opoffert voor alle mensen. Zij berijdt een tijger en ze is versierd met bloemen en rijk voorzien van offerandes. Elke gelovige brengt zijn zonden bij haar en zij neemt ze over.De vergroting van toont het beeld vanuit een andere hoek. Het slot van de ceremonie, bijgewoond door drommen mensen op de kant , is een processie op de rivier waarbij het beeld behoedzaam te water wordt gelaten, waarna het met medeneming van alle zonden de rivier afdrijft. Bloemoffers gaan erachteraan, en daarna volgt een wassing in de rivier die uiteraard al snel culmineerde in een compleet waterballet. Dit volgden we op de voet in de bijboot en we werden meteen ook gezegend met grote emmers vol water. Gelukkig konden we tot algemene hilariteit ons hoosvat in de strijd werpen.

Tot slot de Surinaamse taalrubriek. Gezien de hitte is het verzetten van lichamelijk werk in Suriname zwaarder dan in Nederland. Een Surinamer zegt: “Het is forcerend.” Dat betekent: het kost veel moeite, of het is heftig. Maar ja, je moet wat als je niet wil pinaren (armoe lijden). Dan moet je wat zien te hosselen (bijverdienen). Wil je iets gedaan krijgen, dan kun je natuurlijk ook proberen iemand te “plakken”. Slijmen en lijmen dus.
In het kader van de hitte hebben we zelf een spreekwoord aan het Surinaams Nederlands toegevoegd. De betekenis is analoog aan de Nederlandse variant, namelijk dat een slechte tijd altijd wordt gevolgd door een goede. “Na zonneschijn komt regen.”

Vorige      Volgende