Met ons eigen autootje naar MariŽnburg      Klik voor de kaart
Klik op de foto's in het filmpje om ze te vergroten; of klik op de fotobalkjes in de tekst

In Suriname is het doorlopend feest want elke bevolkingsgroep/religie heeft zín eigen feestdagen en alle andere bevolkingsgroepen vieren die mee. De hindoestanen hebben verreweg de meeste feesten en zo vierden we op 21 oktober Divali, het lichtjesfeest. Als je een beetje rondvraagt kent niemand de betekenis van dit feest, maar onze vriendin Bea licht altijd graag een tipje van de religieuze hindoe-sluier op.
Zoals meestal bij hindoeÔstische feesten is de kern van de zaak de overwinning van het goede over het kwade; met in het geval van Divali als belangrijkste metafoor de vrouw als licht en bloem in huis. (Volgens Bea.) Op een feestelijk opgetuigde vrachtwagen zaten vier kinderen als personificatie van vier hindoeÔstische symbolen met i
n de hoofdrol Lakshmi, de gemalin van Vishnu en godin van rijkdom en geluk met een bloem in haar hand, en de afschrikwekkend ogende aap Hanuman (links op de foto met het masker) als bodyguard. Het vooraf door de pandit gezegende licht werd voorop geplaatst. De volgende twee wagens waren voor de muziek en daarachteraan liepen alle gelovigen met fakkels richting hindoestaanse tempel 3 km verderop. Het was een mooi gezicht.

Nu we dat autootje hebben en de regentijd nog niet heeft toegeslagen, konden we mooi onze eigen touroperator uithangen. Kees en Hester (Nenya) hadden wel zin in een uitstapje naar MariŽnburg. Eens even kijken of het er nog spookt.
MariŽnburg is een gewezen suikerrietplantage en suikerfabriek, o.a. verantwoordelijk voor de allerbeste rum die Suriname ooit heeft geproduceerd. De naam bestaat nog, maar de fabriek is in 1986 gesloten en onder het etiket in de tegenwoordige flessen zit niet meer de rum waarom MariŽnburg - naast zín spookverhalen - beroemd was.
MariŽnburg heeft een rijke historie, dat wil zeggen er werd hard gezwoegd en de toenmalige Nederlandse eigenaren zijn er schatrijk aan geworden. Schatrijk over de ruggen van de Hindoestaanse en later de Javaanse contractarbeiders. Toen er in 1902 een opstand uitbrak waarbij de fabrieksdirecteur werd vermoord door tientallen arbeiders (arbeidsomstandigheden plus misbruik van hun vrouwen), werden alle arbeiders die ervan werden verdacht bij de moord betrokken te zijn, zonder eerlijk proces gedood en in een massagraf geworpen; schuldig of onschuldig. En als er onschuldigen zijn gedood, komen ze spoken om wraak te nemen, denken bijgelovige Surinamers. Zo begonnen er vreemde ongelukken te gebeuren op MariŽnburg, waarbij iedere nieuwe fabrieksdirecteur op brute wijze om het leven kwam.

Bij de arbeiderswoninkjes net buiten de poort troffen we een gids, tenminste dat maakten we op uit zijn badge waarop ďTourist GuyĒ stond. Deze buitengewoon aardige Javaanse man heeft zelf 40 jaar in de fabriek gewerkt en hij verzorgde een leuke en informatieve rondleiding over het fabrieksterrein.

De plantage besloeg 2.000 ha en er waren ca 1.300 werknemers. Die waren wel nodig want het hele proces van suikerriet tot rum was buitengewoon arbeidsintensief. En zelfs tot de sluiting van de fabriek in de jaren í80 werd alle energie geleverd door stoommachines, waarvoor ook aardig wat mannetjes nodig zijn. Als je de machineriŽn (alles van NL makelij) bekijkt kun je je voorstellen wat een drukke bedoening en hels kabaal het moet zijn geweest in de fabriek, die 7 maanden per jaar in productie was. De overige 5 maanden waren gereserveerd voor onderhoud, en in de tussentijd groeide het suikerriet.
De suikerrietstammen werden per 20 tot 30 stuks aangevoerd op open treinwagons (er liepen rails over de gehele plantage) en door diverse crunch- en pletmachines gevoerd , van grof tot zeer fijn. Het sap werd naar de ketels gevoerd en de restanten van de stammen dienden als brandstof in de stoomketels. Een volmaakte vorm van recycling, want met de resterende as werden de straten geasfalteerd.
Met behulp van chemicaliŽn werd het sap gescheiden van de pulp en gekookt tot stroop. Deze liet men vervolgens kristalliseren tot bruine suiker, die werd verpakt in 100 kg zakken. Allemaal handwerk, inclusief de zakken optillen en op karren plaatsen! Een tweede kristallisatieproces leverde de duurdere witte suiker op. De resterende bruine suikermelasse werd gebruikt voor de productie van rum, die in de 45 meter hoge destillatietoren werd gedestilleerd. Tot slot werd de rum in vaten van 8000 liter gedaan. Direct naast de vaten huisde de douane in een inpandig kantoor. MariŽnburg was volledig self-supporting. Kwaliteitscontrole was ook in eigen hand via het eigen laboratorium dat de boel angstvallig in de gaten hield.
Na 1975, toen de Onafhankelijkheid een feit was en de Nederlanders de fabriek voor 1 gulden aan de Surinaamse staat hadden verkocht, ging het bergafwaarts met het bedrijf. De know-how was weg. In 1986 viel uiteindelijk het doek. Tegenwoordig wordt Surinaamse rum geproduceerd door SAB (Suriname Alcoholic Beverages) volgens een chemisch proces waar geen stammetje suikerriet meer aan te pas komt.

Het luieren is afgelopen. De koopakte van ons huis is eindelijk gepasseerd. We hebben ruim 2 maanden moeten wachten waardoor ons vertrek naar Tobago e.v. ernstig is vertraagd. Als de eerste fase van de renovatie goed verloopt, vertrekken we in januari naar de Carieb. Dat wordt dan een kort rondje zeilen: Tobago, Trinidad en dan een beetje naar het noorden: Grenadines, Santa Lucia, Martinique, Guadeloupe, Antigua. Dan is het al lang april en gaan we weer richting Suriname om het aankomende orkaanseizoen te ontwijken en intussen te klussen aan ons huis.

De Domburgse straathonden beginnen ook al een vast item te worden. Ramona is weer bevallen. Twee weken daarvoor hebben we ingegrepen in de natuurlijke gang van zaken, want de hond die verantwoordelijk was voor de bijna-dood van Betsie begon ook Ramona aan te vallen. Toen ze op een avond na een heftig gevecht kwam aan hinken met in een voorpoot een wond die minstens drie hechtingen nodig had, was de maat vol. De wond voorlopig verzorgd met dermatol (altijd op zak ivm de zich immer bezerende hondjes) en een geheimzinnig geÔmpregneerde superhechtende pleister van 6x10 cm van de Chinese supermarkt. Op luttele vierkante meters (formaat kruidenierswinkel) verkopen ze daar elk denkbaar product; van levensmiddelen tot kleding, speelgoed, fietspompen, zonnebrillen en parapluís, en dus ook drogisterijspullen en vage Chinese geneesmiddelen. De Chinese wonderpleisters gecombineerd met het waanzinnige zelfherstellende vermogen dat de ware straathond eigen is, zorgde ervoor dat Ramona zonder bezoek aan de dierenarts binnen een paar dagen haar oude zelf weer was. En wat was dan onze ingreep in de wegen der natuur? De grote boze hond hebben we in de auto geladen (toch al bekend als hondenvervoermiddel) en onder het genot van een blik hondenbrokken aan de andere kant van de stad losgelaten. Probleem opgelost.


De Surinaamse taalrubriek staat deze keer in het teken van grappige uitdrukkingen. Onze vriend Ben is behoorlijk precies op allerlei dingen. Noem het smetvrees, want hij heeft zelfs een fles water in zijn auto voor het geval hij iemand een hand moet geven, want diegene zou wel eens een hond kunnen hebben aangeraakt. Zijn vrouw Bea zegt: ďJe weet, Ben is een beetje stippelijk.Ē
Een ander mooi woord is hardlijvig en het betekent: constipatie. Als je lijdt aan het tegenovergestelde, dan heb je last van losse buik. Het overeenkomstige woord in Sranan Tongo is lusubere (u = oe) en wij vinden dat wel een mooi woord voor diarree.
In het kader van de hitte hebben we zelf een spreekwoord aan het Surinaams Nederlands toegevoegd. De betekenis is analoog aan de Nederlandse variant, namelijk dat een slechte tijd altijd wordt gevolgd door een goede. ďNa zonneschijn komt regen.Ē

Vorige      Volgende