Van Martinique naar Dominica: een absolute culture shock

          

Ons bezoek aan Martinique viel iets langer uit dan gepland want je mag dan gemakkelijk in een internetcafé zelf je in- en uitklaring kunnen regelen, op maandag is dus wel alles dicht. Daarom hebben we van de nood een deugd gemaakt en nogmaals een autootje gehuurd. Helemaal geen straf want Martinique heeft het goede van Frankrijk verenigd met de levendige Caribische sfeer. We genoten van de prachtige natuur aan de noordkust: dik tropisch regenwoud, prachtige bomen en dat alles bereikbaar via keurige wegen; schilderachtige vissershaventjes met de bekende kleurige bootjes en vriendelijke vissers.
We brachten ook een bezoek aan het Centre de Découverte des Sciences de la Terre in St.Pierre (gevestigd in een aardbevingbestendige doos) en dat heeft ons er zeer bewust van gemaakt dat we op Dominica alweer de volgende vulkaan betreden. Zijn het geen orkanen die de Caribische eilanden teisteren, dan zijn het wel de vulkanen want ze zijn allemaal in min- of meerdere mate actief. Met Montserrat aan top met een uitbarsting in 1995. In St.Pierre hebben we echter geleerd dat we daar niet naartoe hoeven want de helft van Montserrat is verboden toegang. Maar Dominica is eigenlijk veel spannender; het barst van de borrelende poelen en natuurlijke stoombaden en heeft ook een recente vulkanische uitbarsting op z’n naam staan, dus avontuur bestaat nog.

Dominica is het jongste eiland van de reeks; pas 26 miljoen jaar oud. Daardoor is het ruig en de rotsen lopen steil naar beneden. Er is eigenlijk maar één geschikte ankerbaai en dat is Prince Rupert Bay in de noordwesthoek. Vier mijl uit de baai werden we al verwelkomd door boatboy Fire (fresh fruit & vegetables, Indian River tour, island tours etc.).

We waren gewaarschuwd dat de boatboys nogal actief zijn op Dominica en de meeste zeilers hebben een hekel aan ze, maar die jongens moeten ook wat verdienen. Na Fire meldden zich nog Eddison, Cobra, Danny, Jerryl, Junior en Albert - het zijn zeker slappe tijden in de boatboy-business; maar heb je eenmaal je keus gemaakt dan vallen de anderen je niet meer lastig.
Vanwege de slechte ankermogelijkheden wordt Dominica in de pilots aangemerkt als “a sailor’s nightmare”. Volgens ons is het omgekeerde waar. We liggen geankerd in zand op een diepte van 5 meter, de formaliteiten waren in 5 minuten geregeld (inklaren en tegelijk uitklaren bij Customs en dan mag je twee weken blijven; blijf je langer dan moet je je ook melden bij Immigrations); en dan de mensen! Super relaxed, geweldig vriendelijk (we kregen al direct een lift naar het dorp) en grappen maken bij de vleet.

De mensen zijn niet rijk en de huizen zijn klein. Maar je ziet overal tevreden gezichten, soms zingen ze een vrolijk liedje en niet omdat ze een borrel op hebben - al hebben ze dat vaak wel want er wordt behoorlijk veel alcohol geconsumeerd. Op Dominica hoeft niemand honger te lijden want de grond is uiterst vruchtbaar. Er wonen 71.000 mensen, niet veel dus. Het stadshart van de hoofdstad Roseau (een uur met het busje vanuit Portsmouth, slingerdeslinger) bestaat dan ook uit maar een paar straten, maar het is er een enorme drukte. Bovendien komen er drie cruiseschepen per dag, waarvan de passagiers zich gelukkig
alleen maar wagen op de toeristische markt en niet op de lokale markt. Daar worden buiten groente en fruit verkocht en in de overdekte markthal zijn allerlei “snackettes” gevestigd, waar de locals limen. Je eet er de lekkerste broodjes en het is er geanimeerd babbelen.

Dominica gaat voor “the next level” onder bewind van een jonge president (34) die van alles wil en doet om Dominica beter op de kaart te zetten. Is met Chavez in zee gegaan en met China, dat z’n poot blijkbaar in elk ontwikkelingsland tussen de deur heeft (ook in Suriname). Niet elke Dominicaan is het eens met dit beleid, vernamen we van de locals in Roseau. Maar de vorige regering deed nog gekkere dingen en liet Ross Medical University hier z’n tenten op zeer aantrekkelijke voorwaarden opslaan. Ross is een profit-organisatie maar of de Dominicanen ervan profiteren? Het lijkt erop dat de gezondheidszorg hier is verkocht. Meer dan de helft van Portsmouth bestaat uit campus (4.000 goedbetalende studenten, waarvan hoogstens een paar op Dominica geboren zijn) en de lokale artsen prefereren werk voor de universiteit boven de eigen gezondheidszorg. Kortom: de grote misstand is dat er een enorm opleidingsinstituut aanwezig is, boordevol medische know-how, maar er is ongeveer geen dokter op het eiland die de zieken op een behoorlijke manier kan of wil behandelen, want voor de praktische afronding van de opleiding gaan de studenten naar de VS.

De poesjes. Ze zijn nu ruim vier maanden oud. Rita hebben we de bijnaam Batman gegeven omdat ze van de buiskap in een geweldige sprong (zeg maar: vlucht) op de bimini springt. Ook tijdens het zeilen! Robin deed er nog een schepje bovenop door van de giek van de hoofdmast de kloof naar de bezaan (waar de bimini aan hangt) te overbruggen. Rita heeft ook al haar eerste kakkerlak gevangen, er onder luid gegrom mee gespeeld en hem vervolgens gedood en opgegeten. Wij waren natuurlijk de trotse ouders.

       Vorige      Volgende