Weer thuis in Suriname

            

Jullie hebben het kunnen volgen in de Scheepsberichten: door alle strubbelingen met de motor waren we te laat om goede wind te hebben voor de trip naar Suriname. Het is ons nog wel gelukt om van Grenada naar Tobago te zeilen (lastig traject want de tegenstroom giert je om de oren), maar daarna hield het op. Twee mislukte pogingen op het traject Tobago-Suriname, waarna we zijn omgedraaid naar Trinidad. Vandaar gaat een rechtstreekse vlucht naar Suriname, maar een belemmerende factor om de poesjes ook te laten vliegen was de staking van de quarantainedienst, dus er vloog geen vlo in of uit Trinidad.
Toen dachten we: dan gaan we toch per boot! Met Peter (bevriende tonijnvisser) hadden we het allemaal prima voor elkaar: per vissersboot naar buiten en bij de Surinaamse uiterton overstappen op een andere vissersboot. De strenge dame van Immigrations stak daar echter een stokje voor en nu konden alleen de poesjes (illegaal) het ruime sop kiezen op het tonijnparadijs, terwijl wij het vliegtuig moesten nemen.
Inmiddels staat Miep op de kant bij IMS Yachtservices. Lekker veilig, want van de mooring in de Surinamerivier hadden we een beetje ons bekomst na de aanvaring. Vorig jaar hadden we het geluk dat het een Nederlands jacht was dat tegen Miep aan zat, maar de kans is veel groter dat je er wordt geraakt door een Surinaamse (onverzekerde) zandboot. In december gaat zij weer te water. Het plan is vanaf nu elk jaar 3 maanden te zeilen en de boot voor de rest van het jaar achter te laten op Trinidad. We hebben een mooie deal kunnen maken met de werf, dus de extra kosten zijn niet belachelijk hoog en het comfort (niet meer die klotetocht heen en terug) is natuurlijk enorm verbeterd met deze move, zodat ons zeilen een nieuwe impuls krijgt.

Het was heerlijk thuiskomen. Viviane had niet alleen onze tuin keurig onderhouden, maar op het laatste moment ook nog eens ons huis schoongemaakt. In de tropen wordt alles enorm smerig door zand en stof maar ook door beesten: horizontale vlakken liggen in een ommezien bezaaid met poepjes van gekko’s, muizen en vleermuizen, insekten, er lag een dooie vogel in huis en ga zo maar door. Waren we met de boot teruggekomen dan hadden we overdag rustig grote schoonmaak kunnen houden, maar nu arriveerden we in het holst van de nacht en zouden in een smeerboel thuiskomen. Kortom we waren Viviane intens dankbaar.
De Domburgers waren ook blij ons weer te zien en P’s verjaardag werd 3x gevierd: 2x op Domburg en 1x thuis.
We moesten meteen enorm rondrijden om een nieuwe uitzet te kopen want JW’s keukenspullen zijn grotendeels op de boot gebleven. Geen straf met onze “nieuwe” Mitsubishi Pajero! Tijdens onze afwezigheid is hij grondig onderhanden genomen en zodoende bleek de verplichte autokeuring die sinds vorig jaar superstreng is, een wassen neus. Onze monteur had de garage gebeld met de mededeling dat de auto in orde was, en nu was het in 5 minuten gepiept; toch wel snel voor een auto uit 1990.

De poesjes deden er nog eens drie weken over om thuis te komen. Trinidad is niet alleen voor zeilers een ramp qua slome bureaucratie, voor ondernemers is het nog erger. De stuurinstallatie van “Captain Homer” had nog wat onderdelen nodig, die natuurlijk niet allemaal tegelijk arriveerden. Vervolgens het gevecht om brandstof, aas en ijs. Uiteindelijk is de boot met slechts een halve lading ijs vertrokken om in Suriname de andere helft bij te laden. Inmiddels heeft Peter op een van zijn boten dus wel een ijsmaker geïnstalleerd.

De reis van Trinidad naar Suriname is blijkbaar ook voor zo’n stoere vissersboot een opgave, want ze deden er vijf dagen over (500 mijl). Voor ons was hun laatste vaardag een lange zit want ’s morgens in alle vroegte hadden we al ijs geregeld voor “Don’t Worry” en , de kleine vissersboot die we hadden gecharterd om “Captain Homer” bij de Surinaamse uiterton te treffen. Die vertrok rond het middaguur met ruim 9 ton ijs naar buiten, maar trof “Captain Homer” pas tegen zonsondergang. Het overladen van het ijs gebeurde op handkracht met emmers, terwijl beide boten op de stroom terug naar het westen dreven. Kortom: de mannen waren rond pas rond middernacht klaar en zo moesten de poesjes nog een nacht doorbrengen op wéér een andere boot met wéér nieuwe vreemde bemanning. Ze waren dus wel beetje van slag na de afgelopen drie enerverende weken, maar dat komt vast gauw goed.

Het werk aan de Vrijheid heeft een aanvang genomen: het dek is er compleet af en we hebben een enorme boodschappenlijst voor Nederland. Glasmat, epoxyhars, epoxyplamuur, kit, rvs schroeven, lak, ratelblok, vaantje, berelul enz., en... de boot krijgt een nieuwe set zeilen. Van Hagoort Sails, Mieps favourite.

We zijn van 28 april tot 27 mei in Nederland. Een belangrijke missie is JW’s ouders te helpen met hun verhuizing naar een bejaardentehuis (88 en 92), wat natuurlijk een beetje tijd kost dus we kunnen wel veel vrienden bezoeken maar helaas niet iedereen.

       Vorige      Volgende