tumblr visitor stats

8 SurinaamsNederlands Dus dát

Atjoni
Ze zeggen niet: Het is warm, maar ze zeggen: “De zon is fel.” (Inderdaad is het dan bijna 40°C en hoog tijd om je paraplu uit te klappen – de parasol is hier onbekend, waarschijnlijk omdat het hier ook behoorlijk kan regenen)."
Ze zeggen niet: Ze praat hard, maar: “Die vrouw praat luid.”
Ze zeggen niet: Ik zal je (iets) laten zien, maar: “Ik ga je wijzen.”
Ze zeggen niet: Je moet me vertellen, maar: “Je moet me melden.”
Ze zeggen niet: Hoe heet het ook alweer, maar: “Hoe heet dat ding.”
Een “laterzaak” is een aangelegenheid van later zorg.
“Meisje!” Een uitroep waarmee Surinaamse dames onder elkaar hun gebabbel doorspekken.
Ze kletsen trouwens alles meteen door: “Hun mond loopt snel!”
Nog een uitdrukking met mond: “Z'n mond was in z’n reet”, hij kon niks meer zeggen.
Coronie

Creatieve samenstellingen. Schaduwgaas is gaas VOOR schaduw en voor de noodzakelijke ventilatie zijn er regenstenen: dit zijn opengewerkte stenen TEGEN de regen. Schildpadstenen zijn niet tegen schildpadden maar hebben de vorm van een schildpad. Een vleermuizenstrook is een polyethyleen reep die aan één kant de vorm heeft van een dak(golf)plaat en voorkomt dat vleermuizen door de kieren naar binnen komen. Een pol beschuitgras heeft het model van een beschuit, zegt Marius; een beetje creativiteit (of in zijn geval: borgoe-cola) is waarschijnlijk bevorderlijk voor het voorstellingsvermogen.
Brokopondomeer
Last van muggen? Dan steek je een muskietenkaars aan; maar hij verspreidt geen licht want het is wierook.
Kooispijkers zijn mini-spijkertjes die worden toegepast bij de constructie van vogelkooitjes. Deze kooitjes verkopen als warme broodjes want een Surinamer laat geen hond uit, maar loopt wel vol trots rond met een vogelkooitje met kwinkelerend beest erin; hoe kleiner hoe duurder.
In Paramaribo worden elke zondag zangwedstrijden georganiseerd waarbij veel geld omgaat...

Korjaal
Een “slaapjurk” is een nachthemd en een koffiemama is geen goedlachse dikke Creoolse dame die de koffie rondbrengt, maar een boom die in vroeger tijden op de plantages werd ingezet om schaduw te geven aan de koffiestruiken.
Een erfwoning is niet een huis uit een erfenis maar een eenvoudig houten huisje dat wat meer achteraf op een perceel (erf) staat; met name vroeger voor bedienend personeel. En een buitenwipper is niet iemand die het buiten de deur doet, maar een uitsmijter.
Spitsstrook
Tot slot.
Vraag een Nederlander hoe het gaat, en het antwoord is: “Druk.”
Vraag je hetzelfde aan een Surinamer, dan luidt het antwoord steevast: “Rustig.”
Het grappige is dat ze met deze woorden allebei aangeven dat het goed gaat.

Dus dát.

        vorige <  1  2  3  4  5  6  7  8 

  Home | 1 Nčt een beetje anders | 2 Hosselen of pinaren? | 3 Dan blijft het zo | 4 Eén cups, twee cupsen | 5 Klop klop! | 6 Boomkip en waterkip | 7 Het schreeuwt in m'n broek | 8 Dus dát